fbpx
DNA-onderzoek

Rechtbank betaalt dna-onderzoek om vaderschap vast te stellen

Een man wil zijn dochter erkennen. Omdat de moeder geen toestemming geeft, vraagt hij de rechtbank om vervangende toestemming. Daarvoor moet vaststaan dat hij de verwekker is. De rechtbank gelast daarom een dna-onderzoek.

De vader wil dit kind erkennen. Hij weet zeker dat hij de biologische vader is. Ook de vrouw heeft daar nooit aan getwijfeld. Toch gelast de Rechtbank Midden-Nederland een dna-onderzoek om met zekerheid vast te stellen dat de man de biologische vader is.

Dna-onderzoek

Uit dit onderzoek blijkt dat de man vrijwel zeker de biologische vader van het meisje is. De rechtbank stelt daarom niet alleen vast dat de man de biologische vader is, maar bepaalt ook dat de kosten van het dna-onderzoek (€ 755), die de rechtbank had voorgeschoten, voor rekening van het Rijk blijven.

Vervangende toestemming

Nu vaststaat dat de man de verwekker van het kind is, is het uitgangspunt van de wet dat zowel het kind als de verwekker er recht op hebben dat hun familieband officieel wordt vastgelegd. Als de moeder erkenning door de vader weigert, kan de rechtbank vervangende toestemming verlenen. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan de rechtbank dit weigeren, bijvoorbeeld als de belangen van de moeder bij een ongestoorde verhouding met het kind worden geschaad of als een evenwichtige sociaal-psychologische en emotionele ontwikkeling van het kind in het gedrang komt.

Geen weigeringsgronden

De rechtbank vindt het in het belang van (de identiteitsontwikkeling van) het kind dat officieel wordt vastgelegd wie haar vader is. Weigeringsgronden zijn er niet, hoewel de vrouw wel weerstand heeft tegen de erkenning van het kind door de man. Door het fysieke en verbale geweld dat de vrouw en de kinderen tijdens de relatie hebben meegemaakt, hebben zij een zeer negatief beeld van de man en ontbreekt het vertrouwen in hem. De vrouw vreest dat de man door de erkenning invloed krijgt op haar leven met het kind.

Erkenning

De man heeft de oudste dochter van partijen al in het buitenland erkend. Mede daarom vindt de rechtbank, net als de bijzondere curator en de Raad voor de Kinderbescherming, dat hij toestemming moet krijgen om ook het tweede kind te erkennen. Zo wordt zijn positie ten opzichte van beide kinderen gelijkgetrokken. Dit betekent niet dat de man een (fysieke) rol gaat spelen in het leven van de moeder en het kind. Hij krijgt ook geen zeggenschap: de moeder blijft alleen met het gezag belast. Erkenning brengt alleen de juridische werkelijkheid in overeenstemming met de biologische werkelijkheid. Zo wordt de man als vader van het kind op de geboorteakte vermeld. De geslachtsnaam van het kind verandert door de erkenning niet. Daarvoor zouden de ouders moeten verklaren dat het kind dezelfde geslachtsnaam krijgt als het andere kind, en dat is hier niet gebeurd. De rechtbank verleent vervangende toestemming.

Geen omgangsregeling, geen omgangsverbod

Het verzoek van de man om een omgangsregeling wijst de rechtbank af. De vrouw en de kinderen hebben op dit moment geen ruimte voor omgang. Het verzoek van de vrouw om de man de omgang te ontzeggen wijst de rechtbank ook af, omdat niet aan de wettelijke vereisten voor een omgangsverbod is voldaan.

ECLI:NL:RBMNE:2026:6259 Bron: Rechtbank Midden-Nederland | jurisprudentie | ECLI:NL:RBMNE:2026:6259 C/16/573204 / FL RK 24-366 | 17-08-2026

Wilt u meer informatie over familie- en jeugdrecht of heeft u een vraag over het onderwerp van dit artikel, neemt u dan contact op met Elise Laureau. Ook kunt u ons contactformulier invullen, dan nemen wij zo spoedig mogelijk contact met u op.

Ook interessant