
Spermadonor affaire: meer dan 30 jaar later en toch niet verjaard
De zaak rond gynaecoloog Wildschut is volop in het nieuws: het Isala-ziekenhuis moet schadevergoeding betalen aan een moeder en haar kinderen. Hoe kan dat, inmiddels ruim 30 jaar na dato? Ik zocht het na in de tekst van de uitspraak en schreef er deze blog over.
Een vrouw onderging in 1988 een vruchtbaarheidsbehandeling in het Sophia Ziekenhuis in Zwolle, de rechtsvoorganger van Isala. De afspraak was dat zij geïnsemineerd zou worden met het zaad van haar echtgenoot. De behandelend gynaecoloog gebruikte echter stiekem zijn eigen zaad. Uit de behandeling werd een drieling geboren. Pas in 2021 kwam dit aan het licht via een DNA-databank.
Lees verder.
De hoofdregel van verjaring
In Nederland geldt dat rechtsvorderingen na verloop van tijd verjaren. Vaak is dat vijf jaar, soms langer. Een schadevordering verjaart in de basis in ieder geval na twintig jaar. In deze zaak was de absolute verjaringstermijn van 20 jaar, na inseminatie in 1988, al in 2008 verstreken. Deze termijn loopt af ongeacht of iemand weet dat er schade is. In 2008 waren moeder en kinderen er echter nog lang niet achter wat er was gebeurd. Toen ze het eenmaal wél wisten, leken ze er niets meer mee te kunnen; de rechtbank achtte het verjaard.
Verjaring is niet altijd absoluut
Ondanks de term ‘absolute’ verjaring, is het geen keiharde regel. De Hoge Raad heeft bepaald dat een beroep op verjaring in uitzonderlijke gevallen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar kan zijn. Of daarvan sprake is, moet worden beoordeeld aan de hand van verschillende gezichtspunten uit het zogenoemde Van Hese/De Schelde-arrest. Het gerechtshof paste deze gezichtspunten toe en concludeerde dat de vordering van de moeder en haar drieling niet verjaard is.
Waarom hier de verjaring werd doorbroken
Het hof liep de gezichtspunten a tot en met g uit het arrest systematisch langs, en betrok ook nog een aanvullend gezichtspunt h (“overige gezichtspunten”). Verschillende factoren speelden een rol. Zo was het handelen van de gynaecoloog een ernstige inbreuk op fundamentele rechten: het recht op lichamelijke integriteit van de moeder, haar zelfbeschikkingsrecht en het recht van de kinderen om te weten van wie zij afstammen. De gynaecoloog handelde heimelijk en in strijd met de gemaakte afspraken. Dit gedrag was ook destijds al in strijd met geldende gedragsregels voor artsen.
Ook het ziekenhuis treft blaam. De fertiliteitswerkzaamheden stonden destijds nog in de kinderschoenen en het ziekenhuis bemoeide zich niet met de opzet van de afdeling. Dat het ziekenhuis zich niet bezig hield met regels, kwaliteitseisen of te hanteren zorgvuldigheidsnormen kan haar worden verweten. Het Hof voegt wel toe dat daarmee overigens niet is gezegd dat het ziekenhuis het handelen van de gynaecoloog had kunnen voorkomen.
Verder woog mee dat de moeder en kinderen pas in 2021 ontdekten wat er was gebeurd en vervolgens voortvarend handelden. Zij stelden Isala binnen redelijke termijn aansprakelijk. Het ziekenhuis kon zich ook ondanks het tijdsverloop nog inhoudelijk verweren: het medisch dossier was namelijk bewaard gebleven.
Wat leert dit (weer) over verjaring?
- De absolute verjaringstermijn is niet absoluut; in uitzonderlijke gevallen is een uitzondering mogelijk;
- Handel wel voortvarend zodra u bekend wordt met de schade. Dat weegt later mee in de beoordeling.
- Schakel hulp in om de specifieke situatie te beoordelen. Ook bij oude kwesties kan actie soms nog lonen.
Heeft u vragen over verjaring of wilt u weten of uw vordering nog kans maakt? Neem gerust contact met ons op, bijvoorbeeld met schrijver van deze blog, Anne Vokurka-Viruly.
Uitspraak Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 13 januari 2026, ECLI:NLGHARL:2026:127



