
Te laat aan het werk door trage afgifte verblijfsvergunning: toch loon!
Een werkgever vraagt voor haar werknemer een verblijfsvergunning bij de IND aan. De vergunning wordt pas 3 weken na de afgesproken startdatum afgegeven. Heeft de werknemer aanspraak op haar loon, ook al heeft zij niet gewerkt? Ja, oordeelt de kantonrecht.
Lees hieronder verder
Vertraging aanvraag vergunning
Een kinderdagverblijf en een werknemer uit Zuid-Afrika spreken af dat zij op 1 september 2024 in dienst zal treden. Daarvoor heeft de werknemer een verblijfsvergunning nodig. De werkgever is als erkend referent aangemerkt bij de IND en mag dus verblijfsvergunningen aanvragen voor buitenlandse werknemers. Maar het proces bij de IND loopt vertraging op. Pas op 23 september 2024 verleent de IND de vergunning waarna de werknemer naar Nederland komt.
Loonvordering
Wanneer tussen partijen een geschil ontstaat, vordert de werknemer betaling van haar loon over de periode tussen 1 en 23 september 2024. De werkgever is het daar niet mee eens, omdat zij er niets aan kan doen dat het proces bij de IND stroperig is verlopen.
Op grond van de wet is de hoofdregel dat de werkgever het loon ook moet voldoen als de werknemer niet heeft gewerkt. Dat is alleen anders als het niet werken voor rekening van de werknemer moet komen. De werkgever moet bewijzen dat het voor rekening van de werknemer komt dat zij die eerste drie weken niet heeft gewerkt.
Oordeel kantonrechter
De kantonrechter oordeelt dat het kinderdagverblijf dat bewijs niet heeft geleverd. Het kinderdagverblijf heeft de vergunning bij de IND geregeld. Als het proces bij de IND vertraging oploopt, dan komt dat voor rekening en risico van de werkgever. Daarom moet het kinderdagverblijf het loon vanaf 1 september 2024 aan de werknemer betalen.
Betaling transitievergoeding
De werknemer verzocht ook nog betaling van de transitievergoeding. In de wet is geregeld dat een werkgever geen transitievergoeding verschuldigd is indien het einde van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen van de werknemer.
De werknemer werkte in de avonduren, maar daar was de werkgever van op de hoogte. Ook verrichtte zij vrijwilligerswerk op een school, maar daarmee handelde zij niet ernstig verwijtbaar. Ook ontbrak bewijs dat zij in België zou wonen en daarmee de voorwaarde van haar verblijfsvergunning had geschonden. De werkgever moest daarom de transitievergoeding aan de werknemer betalen.
Uitspraak Rechtbank Den Haag | jurisprudentie | ECLI:NL:RBDHA:2026:9873 11932192 \ EJ VERZ 25-84334 | 20-04-2026
Wilt u meer informatie over arbeidsrecht of heeft u een vraag over het onderwerp van dit artikel, neemt u dan contact op met Irene Lansen. Ook kunt u ons contactformulier invullen, dan nemen wij zo spoedig mogelijk contact met u op.



